Teeveepraatje over de schrijftaal

Beste kijker, grote onbekende,


Mijn bijdrage aan dit onzinnige ‘Derde Testament’ wordt een pleidooi voor de schrijftaal en tegen het wereldwijde gezwatel en gezwets, het wereldwijde gekakel en geklets, een pleidooi voor taal die in stilte ontstaat en die zijn mond weet te houden.
De beste uren van mijn leven heb ik gewijd aan de schrijftaal, waar ik me meer thuis voel dan hier, oog in oog met de camera, waar ik heel goed mijn best zit te doen om mezelf te imiteren, want pas als je jezelf perfect imiteert, kom je op tv spontaan en authentiek over.
En iedereen thuis mijn gezicht maar lezen – alsof daar iets geschreven staat.
Ga toch een boek lezen, mensen, in plaats van naar dit pratende hoofd te koekeloeren!
Het liefst was ik nu ondertiteld geweest, maar ja, ik praat al, ik praat en praat en ik verpulver mijzelf tot nietszeggendheid.
Schrijftaal is stille taal, waar je als lezer in kunt ronddwalen zonder dat er de hele tijd iemand met je meeloopt, in je nek hijgt en uitlegt wat hij hier of daar mee heeft bedoeld.
Het is de taal die je wordt geopenbaard in absolute afwezigheid van alles en iedereen, ook van jezelf.
Eenmaal afwezig, blijkt alles mogelijk.
Je komt terecht in de landschappen van de geest, die je zelf mag zien te vinden, die je zelf mag zien uit te vinden.
Schrijftaal is denktaal, en droomtaal, dat is het ook. En het wijst je de weg naar een wereld hoog in de wolken waar je pas kunt komen als iedereen, ook ik, vooral ik, eindelijk, eindelijk z’n bek eens houdt.


Deze tekst werd door de auteur ‘op camera’ uitgesproken ten behoeve van het ncrv-programma Het Derde Testament. Uitzenddatum onbekend (behalve bij God).