Stadsgeluiden

1.      door de vuurwerkmist rijdt een auto over natte rode vuurwerkprut

2.      losse naknallende rotjes, wegrennende jochies

3.      een gierende V-snaar van een oude startende auto

4.      kerstboom wordt op straat geflikkerd

5.      elektronisch rolluik gaat piepend dicht

6.      kerkklokken tegelijk en door elkaar (op zondagochtend)

7.      gierende wind rond hoogbouw

8.      rochelende bejaarde, fluim spat op straat

9.      een auto rijdt over een potje met saus

10.      schaatsgeluiden, ijzer op ijs

11.      piepschuim knakken bij de vuilcontainer

12.      rammelende sleutelbos

13.      het geluid van het in elkaar pletten van vuilniszakken in de vuilniswagen

14.      stationsomroeper in de verte

15.      vliegtuig vliegt laag over, gaat mis?, maakt een soort gierende herstart

16.      toeristenbusspiegel (nieuw, wit kunststof) wordt door tram eraf gereden. krak.

17.      het heeft gesneeuwd! alles is stil

18.      een eindeloos rondcirkelende helikopter boven stadsdeel

19.      winkelwagen met drie kapotte wielen – inclusief duwende zwerver

20.      harde knal, onduidelijke herkomst, ’s avonds laat

21.      de trambel

22.      politiesirene handmatig bediend: eerst langzaam, dan sneller bij nadering kruising

23.      grote krijsende eenzame monstermeeuw

24.      vlaggentouw slaat ritmisch tegen metalen vlaggenmast, door de wind

25.      lege drankflessen worden in de lege glasbak gegooid

26.      trein dendert in de verte, en fluit

27.      kraakraakraai, eenzaam op een braakliggend terrein

28.      te lang stationair draaiend dieselbusje

29.      auto botst tegen stoplichtpaal

30.      knappende pas bevroren plassen, als je eroverheen loopt

31.      kassabliepjesconcert in de supermarkt

32.      piepende fietsremmen

33.      massaal krijsende hongerige meeuwen bij brug, ze worden gevoerd

34.      een schuiver, een smak, fiets onderuit

35.      het dichtslaan van autoportier van een dure auto (klinkt anders dan bij een goedkope)

36.      een canon van stoplichttikkers

37.      ijzel, voorzichtig geschuifel, het is glad (vroeger hadden bejaarden bij ijzel van die metalen schrapertjes om hun voeten)

38.      ambulancesirene, hoger, lager: doppler op zijn best. Het is fascinerend hoe we onbewust dopplereffect waarnemen. De frequentie stijgt: het gevaar nadert, frequentie daalt weer: gevaar geweken. Het wordt pas schrikken wanneer de sirene op één toonhoogte blijft steken, dan staat ie namelijk stil voor de deur.

39.      dichtschuiven en dan dichtdrukken/slaan van zijportier bestelbusje

40.      een groep kraaien krast hoquetusdrieklanken naar elkaar

41.      stratenmakers op klompen, tegels die in het zand ploffen

42.      voetbalgejuich, het klinkt gedempt uit huizen want ramen zijn dicht

43.      een naderende demonstratie in de verte, politiefluiten, mensenmassa

44.      politiepaarden rustig stappend

45.      verse sneeuw, het kraakt onder elke voetstap

46.      opschrikkende wegfladderende duiven

47.      brommer wil niet starten, wordt agressief aangetrapt

48.      gillende kinderen en krijsende meeuwen, als combi

49.      dooi, alles druipt en lekt

50.      neerploffende sneeuw glijdt van het dak af

51.      water drupt in zinken pijp

52.      loszittende stoeptegel (je fietst eroverheen, en de fietsers achter je óók)

53.      het geknetter van tramleidingen

54.      scooteralarm gaat af, want er rijdt een vrachtwagen langs

55.      vrachtwagen zet motor af. puf hijg steun.

56.      het rollen van biervaten

57.      emmer water wordt op straat geleegd

58.      twee zingende tienermeisjes op één fiets

59.      gesis van hogedrukspuit

60.      rolluiken gaan resoluut dicht

61.      eerste maandag van de maand alarmsirene, begint met een mislukte aanzwengel

62.      klapperend dekzeil

63.      betonmolen met rammelend grind

64.      een soort zeekoelokroep door een remmende en optrekkende vuilniswagen, zangerig

65.      ho! roept de vuilnisman naar de wagen

66.      zaterdagochtendklusgeluiden (de amateurboor en -frees etc.), buurman en buurman

67.      duivengefladder van dichtbij

68.      zoemende BMW-motor van een motoragent

69.      hijgende jogger, op de plaats doorjoggend, voor het stoplicht

70.      timmeren, gewoon ouderwets, met een echo vanaf de overkant

71.      een drillende stoeptegelstamper

72.      afremmende trein (hoog en snerpend)

73.      schrapende uitlaat over verkeersdrempel

74.      in de verte worden containers neergekwakt, met veel galm

75.      paraplu flapt om door rukwind

76.      haperende motor van een goedkope auto, met open motorkap

77.      het branden van dakbedekking

78.      klng (dit klinkt vrij zacht): verspringende tramwissel

79.      glazenwasser zet ladder klaar, niet bepaald zachtzinnig

80.      blèrende baby’s. Soms kunnen ze elkaar aansteken, inspireren.

81.      de transistorradio vanaf de schildersteiger

82.      openspringend fietsslot. Dit klinkt best hard, als alles verder stil is.

83.      tramgerinkel en vervolgens optrekken van de tram, een omhoog en dan weer omlaag zoevend geluid, puffende tram, stopt

84.      een snorfiets.      Truttig geluid.

85.      bejaarde schreeuwende dronken man, ’s ochtends, met bier, voor de supermarkt

86.      rammelende flessen in krat, per fiets vervoerd

87.      brugketting slaat tegen het metalen brugframe, door de harde wind

88.      piepende wipkippen

89.      de schuurmachine

90.      auto rijdt over loszittende putdeksel

91.      eendengesnater (verkrachtingsscène)

92.      zandscheppen vanaf trottoir om gat weer dicht te gooien

93.      eerste voorjaarsvogelconcert, in de vroege avond

94.      voetballende jongens op plein, met veel gescheld, bal knalt tegen kooi, lange nagalm

95.      ver weg heien: je hoort alleen de hoge fluittoon die los komt van de ‘kleng’

96.      krolse koerende duiven ’s ochtends vroeg

97.      fiets wordt neergekwakt (parkeren)

98.      overal ontkiemen aggregaten, het wordt voorjaar

99.      voetballende jongen, alleen, tegen muurtje (geschuifel, baf)

100.      asfaltboren

101.      lassen aan trambaan

102.      amateurverhuizers takelen met z’n allen meubilair, met touw

103.      kat op weg naar dierenarts in mandje, mauwauwauw

104.      ‘fluitconcert’ van langzaam remmende trein. Alle toonhoogten achter elkaar, door elkaar, klaagzang

105.      strompelen met revalidatiekrukken (licht rammelend)

106.      intercom van de brandweer: keihard piedoeweliep en vervormde mannenstem, midden op straat

107.      lichte voorjaarsregen

108.      ronkend reclamevliegtuigje op feestdag

109.      bootje in de gracht met stinkende pruttelmotor

110.      stoep vegen

111.      tegels kloppen met rubberen hamer

112.      lallende meute

113.      stenen zagen

114.      beltonen tegelijk: polyfonie

115.      elektrische scooters naderen geluidloos van achteren, dan: pèèèp

116.      spontane woede-uitbarsting in het verkeer, getoeter

117.      auto starten en wegscheuren, in het holst van de nacht

118.      krakende petfles, iemand fietst eroverheen

119.      de echo van heien afkomstig van de andere kant van de stad

120.      Koningsnacht met veel goedkope geluidsinstallaties op straat

121.      blaffendehondenconcert

122.      pizzabrommer met doorgaande beat

123.      landmeters schreeuwen nummers door (tegenwoordig bellen ze elkaar discreet)

124.      gigantische Harley, oorverdovend gebrul

125.      geschraap van plantsoenendienst: onkruid wieden tussen de tegels

126.      zingende bovenleidingen van de tram doordat ze tegen elkaar aan zwiepen, lange nagalmtijd

127.      om 23:00 uur de goederentrein, op weg naar de afvalverwerking

128.      knetterende laswerkzaamheden

129.      ramen gaan open, stofzuigergeluiden (eerste echte voorjaarsdag)

130.      zoevende auto, sportmodel, open dak met r&b

131.      zandstralen, gevelreiniging

132.      jengelend ijscowagentje (‘Popeye the sailorman’)

133.      ouderwetse grasmaaier

134.      merel is gek geworden. Ontdekking van nieuwe sounds, vanaf dakgoothoekpunt

135.      jonge eendjes, waar is moeder. Blub, eendje wordt naar beneden getrokken.

136.      zagen, planken, hout

137.      sloopwerkzaamheden: een neerstortende muur

138.      een overvol terras

139.      skeelers over asfalt – Friday Night Skate: rolschaatsers door de stad

140.      een gevel vol met steigermateriaal, vijf verdiepingen hoog, gevuld met (mee)zingende bouwvakkers verspreid over het hele pand

141.      merels en Oostblokkers(?) ritselend in het struikgewas, in de bosjes in het park

142.      het riante klapwieken van een reiger

143.      een auto-stofzuig-voor-de-deur-zaterdagritueel

144.      geschraap met een plamuurmes over betonnen buitenmuurtje om de verfresten te verwijderen, in combinatie met bouwvakkers-middle-of-the-roadmuziek vanuit het bijbehorende bestelautootje

145.      kattengejank ’s nachts, met een emmer water erachteraan, of althans: dat hoop je

146.      agressief bellende bejaarde rechtnekfietsers

147.      door de wind ritselende bloesemblaadjes over straat

148.      geldgerinkel

149.      zeurende kinderen om een ijsje (alle kinderen klinken jengelend hetzelfde. Net als vogels imiteren ze elkaars jengel)

150.      keiharde housemuziek in de verte ’s nachts, de bas van een megaparty

151.      in het park: door de weer-en-wind-luidsprekers klinkt onduidelijk vervormde muziek

152.      een mobieltje? Nee, een vogel imiteert ringtoon.      (En omgekeerd: het mobieltje denkt dat die vogel een andere telefoon is)

153.      kuteksters, altijd ruzie

154.      een schreeuwende gek ’s nachts

155.      die een winkelruit aan diggelen slaat

156.      de omroepwagen van het gemeentewaterleidingbedrijf zet de installatie voluit, en de man roept: ’attensie attensie! t: eh wa erlei dng nie brui tusn ie e na…’ en dat steeds herhalend

157.      bierfietsende toeristen

158.      de eerste échte zomeravond: helder en hard, en het gedruis gaat de hele nacht door

159.      oude baggerboot pruttelt in de gracht, modderfietsen worden op het dek gekwakt

160.      opeens: mannenstemmen vanaf het dak

161.      een buurtfeest met een liveband op straat

162.      fietsbel, flitst voorbij: ook doppler

163.      fluitende (fieoewiep!) bouwvakkers, ook met commentaar (hé schatje)

164.      heien, op twee plaatsen tegelijk. twee tegen drie (taa-takke-taa)

165.      muziekschoolraam staat open: piano, trompet, viool op enkel de losse snaren

166.      vrachtwagen scheurt achteruitrijdend autospiegel mee van geparkeerde auto, gegil

167.      onder de majestueuze museumdoorgang komt een verse buslading krijsende kinderen aangerend, waanzinnig geluidseffect

168.      een paardenkoets voor de toeristen

169.      terrasstoeltjes worden neergekwakt, de horecadag begint vroeg

170.      harde deurbellen, en ook de stem uit de intercom is op straat te horen

171.      vallende bejaarde

172.      voetbalwedstrijd. de hele stad houdt adem in

173.      en dan het doelpunt.      inclusief toeterende treinen

174.      pinautomaatpiepjes, uit de muur op straat

175.      zingende gibbons met tegelijkertijd een autoalarm (voor wie in de buurt van de dierentuin woont)

176.      een lange hoge piep – is het die ronddraaiende hijskraan? soms stopt de piep even

177.      het in elkaar smijten van marktkramen, opruimen van de markt, gooien met planken

178.      omhoogborrelend riool

179.      cruiseschip vertrekt: driemaal de lage hoorn

180.      zingende operazanger op fiets, ’s nachts

181.      plons! vis terug in ’t water, in het park

182.      aanzoevende reiger. Ha! vis!

183.      een declamerende dakloze

184.      zomerstortbui. kolkende rivieren door de straten

185.      klassieke pianomuziek klinkt vanuit geopend raam

186.      ruisend riool onder putdeksel

187.      rennende jeugd

188.      een eenzame parktrommelaar (conga of bongo)

189.      kwetterende mussen in de heg

190.      bordengerammel, afwassen met open keukenraam

191.      zingende marktkooplui

192.      zomerse regendruppels op bladeren, dikke druppels en plassen met luchtbellen

193.      grofvuil, meubels etc. worden ’s avonds op straat geflikkerd

194.      ’s ochtends om half 5 komen de grofvuilinspectie-diensten, het vuilnis wordt niet zachtzinnig uitgeplozen en meegenomen met bakfietsen

195.      zomeronweer: zwaar gedonder en daarna hoosbui

196.      hittegolf, de hele nacht teringherrie

197.      knetterende burenruzie

198.      de rinkelende (of alarm-piepende) opengaande brug

199.      neerstuiterende plastic emmer

200.      lederen herenschoenen aangenaam klassiek, voetstappen op trottoir

201.      en natuurlijk het tikken van damesnaaldhakken

202.      zomeravondvleermuizen, en hoog piepende zwaluwen

203.      brommers-surroundsound

204.      iemand met een stuiterende basketbal

205.      waterbassin wordt van marktkraamdakzeil gehoost

206.      tram rijdt door de roodwitte tramflapjes

207.      megaplassen waar auto’s doorheen scheuren

208.      motorclub komt massaal aanrijden

209.      klaarkomende vrouwen, seks, open slaapkamerramen

210.      boenkboenkboenk-auto, uw rijdende concertzaal

211.      overtuigende politiefluit, van de verkeerspolitie-in-opleiding, midden op een kruising