Komende maand is het vijftig jaar geleden dat John F. Kennedy, de vijfendertigste president van de Verenigde Staten, werd vermoord. De beelden ervan markeren een van de meest emotionele gebeurtenissen die er de afgelopen eeuw in het openbare leven plaatsvonden. De 22e november 1963 werd een klassiek ‘waar was jij?’-moment, en veel mensen beschreven het verdriet dat ze erbij ervoeren als het plotselinge verlies van de hoop op een betere wereld. De verwachtingen zoals die na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog geleidelijk aan gestalte hadden gekregen en die Kennedy zo zelfverzekerd leek te belichamen, verloren hun vanzelfsprekendheid, en leken voorgoed verraden.

Sindsdien heeft het beeld van Kennedy veel van zijn mythische glans verloren. Memoires, getuigenissen en historisch materiaal hebben de zwakheden, complexiteiten en al te menselijke kanten van zijn presidentschap blootgelegd. Als held van het vrije Westen redde hij de wereld tijdens de Cuba-crisis, maar is dat wel zo, en hoe dan precies? Paul Brill reconstrueert Kennedy’s rol aan de hand van documenten die pas in de laatste decennia beschikbaar zijn gekomen en dat levert een verrassend beeld op.

S peciaal voor De Gids schreef de Amerikaanse cultuurcriticus Greil Marcus een kort persoonlijk essay, waarin hij op indringende wijze stem geeft aan de kern van dit Kennedy-dossier: hoeveel gefundeerde bedenkingen je ook had tegen Kennedy, toch was de teleurstelling bij zijn dood hartverscheurend – alsof in één klap de morele basis onder de westerse democratie was weggeslagen. Emile Fallaux, die sinds de jaren zestig met enige regelmaat in de Verenigde Staten heeft gewerkt en gewoond, doet verslag van zijn persoonlijke ervaringen met de Kennedy-cultus en de verschuivingen in zijn sympathie daarvoor. Een foto-essay van Marloes van der Hoek en twee destijds heet van de naald geschreven verslagen van de moord op JFK van Leo Vroman en BBC Radio-correspondent Alistair Cooke ronden het dossier af. De bijdragen van Cooke en Marcus blijven onvertaald om te voorkomen dat er iets verloren zou gaan van de krachtige stijl en het sterk retorische karakter van hun bijdrage, die zo goed passen bij het onderwerp dat zij ter sprake brengen.

Namens de Gids-redactie,
Roel Bentz van den Berg en Dirk van Weelden